maandag 15 december 2014

4de zondag van de advent



Vergeven is iemand bevrijden,
iemand weer kans geven nieuw te worden.
Vergeven is een ander laten zien wat vrede is.
Heer, ontferm U.

Draag mij, God in barmhartigheid. Til mij op uit al mijn kleinheid.
Koester mij in barmhartigheid: Vader, Moeder, God met ons.

Vergeven is zon brengen,
is de muur afbreken,
is de brug bouwen,
is terug contact opnemen.
Vergeven is de ander weer zo graag zien als jezelf.
Christus, ontferm U.

Draag mij, God in barmhartigheid. Til mij op uit al mijn kleinheid.
Koester mij in barmhartigheid: Vader, Moeder, God met ons.

Vergeving vragen is de eigen pretentie op zak steken
en bekennen dat je liefde nodig hebt.
Vergeven is nog eens de liefde gelijk geven.
Heer, ontferm U.

Draag mij, God in barmhartigheid. Til mij op uit al mijn kleinheid.
Koester mij in barmhartigheid: Vader, Moeder, God met ons.


Voorbeden

Heer, God en Vader
in deze Advent, zijn we zoekend en hoopvol op weg naar het licht
dat vrede en rust brengt.
Wij bidden u Heer, geef dat wij straks,
U met een warm hart kunnen ontvangen
Laten we zingen en bidden.

Wek uw kracht en kom ons bevrijden. (2x)

Heer, God en Vader, wij bidden U,
geef dat wij, zoals Maria,
aanvaarden en dankbaar zijn
om wat U met ons voor hebt
en doen in ons leven wat U van ons verlangt:  
Laten we zingen en bidden.

Wek uw kracht en kom ons bevrijden. (2x)

Heer, God en Vader, wij bidden U,
om liefde en vrede te brengen in onze gezinnen en families,
en bij allen die we ontmoeten.
Zo zullen wij ook uw vrede en goedheid
ervaren in ons eigen hart.
Laten we zingen en bidden.

Wek uw kracht en kom ons bevrijden. (2x)




Bezinning na de communie



De laatste dagen
En de laatste vragen
Van dit jaar
Staan voor de deur,

De bomen kouder
En de dromen ouder
Maar de verwachting
Nog vol gloed en kleur

Want wij geloven :
Het licht van boven
Is niet te doven
Stelt niet teleur
Voor alle vragen
Van alle dagen
Achter de einder
Achter de deur.

Stilte



dinsdag 9 december 2014

Federale bezinning December

Bezinning 16 december 2014 in de St. Anna kerk

Welkomstwoord


Van harte welkom op deze bezinning tijdens de advent.
Deze tijd mogen wij ervaren als een tijd van wachten, hopen en vertrouwen.
Maar ook een tijd van inzet en solidariteit .
Een tijd waar we gaandeweg Jezus mogen herkennen
als een spoor van licht,
als degene die komen gaat.
Mogen wij dan samen zijn
in de naam van de Vader, de Zoon en de H. Geest.
Amen.

Lied 115 De nacht loopt ten einde, de dag komt naderbij.


Het volk dat woont in duisternis zal weten wie zijn Heiland is.
Onverwacht komt van heind' en ver de Mensenzoon, de morgenster.

Tekens aan sterren, zon en maan, hoe zal de aarde dat bestaan?
Zo spreekt de Heer: verheft u vrij want uw verlossing is nabij.

Een twijgje, weerloos en ontdaan, zonder gestalte, zonder naam.
Maar wie gelooft, verstaat het wel. Dat twijgje heet: Emmanuel.

Die naam zal ons ten leven zijn. Een zoon zal ons gegeven zijn.
Opent uw poorten metterdaad dat uw Verlosser binnengaat.


Openingswoord

Advent is een tijd die onrustig maakt:
We zien zoveel uitsluiting.
Advent beleven is een oproep
om grondig iets te veranderen bij onszelf,
bij onze eigen groep en in de grote samenleving.
Advent is een tijd om te leren
ongeziene mensen te zien.
Je laten raken door het zwijgen
dat over hun bestaan hangt.

Kerstmis is een begin
van een nieuwe manier van leven,
waarbij “ Ik zal er zijn voor u”
in mensen zichtbaar wordt.
Waarbij het licht van
solidariteit, van gerechtigheid,
van hoop en vertrouwen,
een spoor nalaat en opnieuw
wordt aangewakkerd.
Zo wordt God mens!

Lied 112


Kwam van Godswege een man in ons bestaan
een stem om te getuigen, Johannes was zijn naam.
Man van Godswege, Johannes was zijn naam.

Zo staat geschreven: de heuvel moet geslecht,
geen kwaad mag zijn bedreven, maak alle paden recht.
Zo staat geschreven: maak alle paden recht.

Deelt met elkander het brood van alledag,
opdat in u de ander Gods heil aanschouwen mag.
Deelt met elkander het brood van deze dag.


Vergevingsmoment


Soms kiezen we voor het verkeerde spoor
We willen kost wat kost snel ons doel bereiken.
Zo maken we te weinig tijd voor het zoeken
naar innerlijke rust – ook in gebed tot U.

Draag mij,God, in barmhartigheid, til mij op uit al mijn kleinheid
Koester mij in barmhartigheid, Vader, Moeder, God met ons

Soms kiezen we voor het egoïsme, het eigen ik.
Zo hechten we ons vast aan materie
en beseffen niet hoeveel mensen er zijn,
die veel beperkter zijn in hun mogelijkheden.

Draag mij,God, in barmhartigheid, til mij op uit al mijn kleinheid
Koester mij in barmhartigheid, Vader, Moeder, God met ons

Wanneer onze mening gevraagd wordt
en wij een standpunt moeten nemen,
waarbij beroep gedaan wordt op ons gevoel voor rechtvaardigheid
valt het ons toch zo moeilijk eigen belang aan de kant te schuiven,
en de kant te kiezen van de zwakste onder ons.

Draag mij,God, in barmhartigheid, til mij op uit al mijn kleinheid
Koester mij in barmhartigheid, Vader, Moeder, God met ons

Gebed

God, wij willen U zoeken, geef ons een open hart.
Toon ons de weg van het licht, van gerechtigheid.
Geef ons de richting aan en
wees diep in ons van binnen de bron van ons bestaan.
Amen.


Lied 105

Omdat Hij niet ver wou zijn is de Heer gekomen.
Midden in wat mensen zijn, heeft Hij willen wonen.

Midden onder u staat Hij die gij niet kent.
Midden onder u staat Hij die gij niet kent.

Wilt daarom elkander doen alle goeds geduldig.
Weest elkaar om zijnentwil niets dan liefde schuldig

Weest verheugd, van zorgen vrij: God die wij aanbidden
is ons rakelings nabij wonend in ons midden.

Evangelie (Johannes 1,6-8. 19-28)

Er is een man
 geweest , een gezondene van God ;
Zijn naam was Johannes.
Hij kwam als getuige: hij moest getuigen van het licht,
opdat allen door hem tot geloof zouden komen.
Hij was niet het licht , hij moest getuigen van het licht .

Dit is dan het getuigenis van Johannes.
De joden hadden uit Jeruzalem priesters en Levieten
op hem afgestuurd met de vraag:
“Wie bent u?”

Onomwonden kwam hij er voor uit :
“Ik ben de Messias niet”

“Wie bent u dan wel ?” “
Bent u Elia?” Vroegen ze .
“Die ben ik ook niet” antwoordde hij
“ Bent u soms de profeet” - “Nee “ zei hij .
Wie bent u dan ? drongen ze aan.
We willen een antwoord geven aan degenen die ons gestuurd hebben.
“ Wat zegt u over uzelf ? “

Hij zei “ ik ben de stem die roept in de woestijn”
“ Maakt recht de weg van de Heer”
zoals de profeet Jesaja gezegd heeft.


De afgevaardigden die uit de kring van de Farizeeën kwamen,
drongen verder aan en vroegen:
“ Maar als u de Messias niet bent en ook Elia niet of de profeet,
waarom doopt u dan?”

Johannes gaf hun ten antwoord:
“ ik doop in water”
“Maar zonder dat U hem herkent staat Hij al in uw midden:

“Hij die na mij komt, maar wiens schoenriem ik niet waard ben los te maken”

Dit gebeurde in Bethanië, aan de overkant van de Jordaan,
Waar Johannes aan het dopen was

Stilte

Voorbeden


Wenden we ons vol vertrouwen tot God
en leggen wij Hem alles voor wat ons hart beroert, op onze weg naar Kerstmis.

Bidden we voor de profeten van nu,
mensen die de vinger op de wonde leggen en wantoestanden aanklagen,
die in hun manier van optreden bevrijding brengen,
die menselijke gebrokenheid met mildheid tegemoet treden,
die het leed van anderen helpen verlichten ...
Laten wij zingend bidden.

Wek uw kracht en kom ons bevrijden. (2x)

Bidden we dat onze zorgen verder reiken dan onszelf,
dat we oog en oor hebben voor medemensen in nood,
in het bijzonder voor ouderen in armoede.
Dat we in het kaartspel van het leven niet ‘passen’,
maar met hen ‘meegaan’ zodat ze niet vereenzamen ...
Laten wij zingend bidden.

Wek uw kracht en kom ons bevrijden. (2x)

Bidden we voor onszelf op weg naar Kerstmis.
Dat we de essentie niet uit het oog zouden verliezen:
de geboorte van het Kind dat heet: ‘Ik zal er zijn voor jou.’ ...
Laten wij zingend bidden.

Wek uw kracht en kom ons bevrijden. (2x)

Laten wij ons nu samen richten tot onze Heer in het gebed dat hij ons leerde.

Onze Vader


Bezinning 1

Zijn naam is Johannes de Doper.
Men noemt hem een ruige kerel, de man van de woestijn.
Hij had nochtans enkel gebroken met de schone schijn
en trok zich terug in de woestijn
die hem de inzichten bracht die hij nu had:
Hij weet: Er komt Iemand
die het veel beter kan zeggen dan hijzelf,
maar nog veel beter kan doen wat Hij zegt.
Wat krom is, maakt Hij weer recht;
Hij doet mensen weer leven en samenleven.
Johannes probeert mensen wakker te schudden,
hen de lichtende weg te wijzen naar Hem die komen zal.

Lied

O kom, o kom, Immanuel, verlos uw volk, uw Israël,
herstel het van ellende weer zodat het looft uw naam, o Heer.

Weest blij. Weest blij, O Israël! Hij is nabij, Immanuel.

O kom, o kom, Gij Oriënt, en maak uw licht alom bekend;
verjaag de nacht van nood en dood, wij groeten reeds uw morgenrood.

O kom, die onze Koning zijt, in wolk en vuur en majesteit,
Adonai, die spreekt met macht, verbreek het duister van de nacht!


Bezinning 2

In de adventstijd
Zijn er geen doordeweekse dagen
Als we in iedere taak
Het beste leggen van onszelf

Als we in elkaar het goede zien
En onze waardering laten blijken.
Als de vreugde en het verdriet
Van nabije mensen ons diep raken.

Als we heel genereus delen
Met wie veel tekort heeft
Als het goede en het schone
Leeft in onze geest en ons hart

Als we bidden de mens te worden
Die we hopen voor elkaar te zijn.

Slotgebed

God , net zoals Johannes wil U ons ook zenden .
om te getuigen van Uw licht, van Uw liefde en tederheid,
vooral bij armen en bij kleinen.
Geef ons de kracht om vol te houden in dienstbaarheid en vreugde.
Om de weg te volgen die Jezus ons toonde , de weg van het licht ,
Help ons tederheid en warmte uit te stralen en van mensen te blijven houden
wie ze ook zijn, en wat ze ook gedaan hebben. Amen

Zending en zegen

Zorg voor het welzijn van de zwaksten onder ons.
En volg het licht van de Heer
Met die opdracht zendt de Heer ons heen.
Hij vergezelt ons met zijn zegen:
in de naam van + de Vader, de Zoon en de heilige Geest. Amen


3de zondag van de Advent

Moment van inkeer


Heer, wij vragen om vergeving
omdat wij vandaag soms mensen uitsluiten
Heer, wees goed voor ons.

Draag mij, God in barmhartigheid. Til mij op uit al mijn kleinheid.
Koester mij in barmhartigheid: Vader, Moeder, God met ons.

Heer,
wij vragen om vergeving
omdat wij vandaag
geen aandacht geven aan het bestaan
van een 'vierde wereld' in Vlaanderen.

Draag mij, God in barmhartigheid. Til mij op uit al mijn kleinheid.
Koester mij in barmhartigheid: Vader, Moeder, God met ons.

Heer,
wij vragen om vergeving
omdat wij vandaag
onze handen niet reiken om bruggen te bouwen tussen mensen
Heer, wees goed voor ons.

Draag mij, God in barmhartigheid. Til mij op uit al mijn kleinheid.
Koester mij in barmhartigheid: Vader, Moeder, God met ons.

Voorbeden


Dat wij er mogen zijn voor mensen,
leren zien waar we kunnen helpen,
Laten wij bidden en zingen

Wek uw kracht en kom ons bevrijden. (2x)

Dat wij altijd blijven zoeken, blijven groeien in solidariteit,
langzaam maar zeker.
Laten wij bidden en zingen

Wek uw kracht en kom ons bevrijden. (2x)


Dat wij altijd leren houden van al wat leeft ,
dat we onze kennis, aandacht en macht delen met anderen.
Laten wij bidden en zingen

Wek uw kracht en kom ons bevrijden. (2x)


Bezinning na de communie


Een man, bijgenaamd de Doper,
staat aan de oever van de Jordaan.
Een profeet, die de weg wijst
naar een nieuw Beloofd Land.

De Doper dompelt mensen onder
tot een nieuw bestaan.
In woord en in daad getuigt hij
dat leven in Gods Licht
nieuw perspectief biedt.

Hijzelf is niet het licht,
hij is eerder richtingwijzer.
Hij doopt mensen
om andere wegen te gaan:
wegen van licht, van toekomst.

Johannes getuigt van het Licht.
Hij roept op om naar Jezus uit te zien;
dat Hij niet langer
een Onbekende is,
maar een Licht,
dat alle duisternis overwint.

De Doper is daarvan de aanzegger:
Johannes is zijn naam.


Stilte

dinsdag 2 december 2014

Bezinning November

Federale bezinning 18 november 2014

Lied

Heer, onze Heer, hoe zijt Gij aanwezig
en hoe onzegbaar ons nabij,
Gij zijt gestadig met ons bezig,
onder uw vleugels rusten wij.

Gij zijt niet ver van wie U aanbidden,
niet hoog en breed van ons vandaan...
Gij zijt zo mens'lijk in ons midden,
dat Gij dit lied wel zult verstaan.

Gij zijt onzichtbaar voor onze ogen
en niemand heeft U ooit gezien.
Maar wij vermoeden en geloven
dat Gij ons draagt, dat Gij ons dient.

Heer, onze Heer, hoe zijt Gij aanwezig
waar ook ter wereld mensen zijn.
Blijf zo genadig met ons bezig,
tot wij in U volkomen zijn.

Inleiding

Goede avond, goede vrienden
Deze bezinning heb ik opgevat als dank voor de vele mensen
die me de laatste tijd gedragen hebben.
Het zijn teksten die los staan van elkaar ,
maar allen drukken ze strijd of gevoelens uit.
Het zijn teksten van hoop, van liefde, van dank
We beginnen onder Gods zegen : In de naam ….

Dank U, God, voor mensen

Ik dank U,God,
Voor alles wat ik van anderen mocht ontvangen
voor mensen die met mij verbonden zijn geweest,
die trouw zijn geweest in hun zorg en liefde,
die mijn verdriet hebben gedeeld,
die mij hebben laten delen in hun geluk.
Ik dank U, God,
voor allen die in stilte aan mij hebben gedacht,
voor hen die attent waren
in de kleinste dingen van alledag,
mensen die konden troosten,
mensen met een hart vol barmhartigheid en verzoening.
voor allen die mij konden bezielen,
mensen die een bevrijdend woord konden spreken,
mensen die konden luisteren,
mensen die zo maar nabij waren,
mensen die mij rust konden geven

Ik dank U,God,
voor mensen voor wie ik iets mocht betekenen,
mensen die mijn liefde durfden ontvangen,
mensen die op mij konden wachten

Stilte

Psalm 23 samen

Mijn herder is de Heer,
mij zal het nooit aan iets ontbreken.
Hij brengt mij in een oase van groen,
daar strek ik mij uit aan de rand van het water
daar is het goed rusten.
Ik kom weer tot leven, dan trekken wij verder,
langs vertrouwde wegen, Hij voor mij uit.
Want God is zijn naam.
Al moet ik het duister in van de dood,
ik ben niet angstig, U bent toch bij me,
onder uw hoede durf ik het aan.
Gij nodigt mij aan uw eigen tafel,
en allen die tegen mij zijn
moeten het aanzien: dat Gij mij bedient,
dat Gij mij zalft, mijn huid en mijn haren,
dat Gij mijn beker vult tot de rand.
Overal komen geluk en genade’
mij tegemoet, mijn leven lang.
En altijd kom ik terug in het huis
van de Heer, tot in lengt van dagen.

Stilte
Lied

Mijn Herder zijt Gij, o mijn Heer,
aan niets ontbreekt het mij;
ik vrees nu geen gevaren meer,
Gij staat mij altijd bij.

In groene beemden voert Gij mij,
waar Gij mij rusten doet.
Aan frisse wat'ren laaft Gij mij,
verkwikkend mijn gemoed.

Langs veil'ge paden leidt Gij mij,
omwille van uw Naam.
Langs donk're krochten ga ik vrij,
gerust, want wij zijn saam.

Uw zaalge zegen rust op mij
en volgt mij overal.
In 't huis des Heren woon ik blij
waar 'k eeuwig zingen zal.

Samen hoopvol op weg

Ik hoop dat er altijd iemand zal zijn in mijn leven,
die ik kan vertrouwen, bij wie ik veilig ben,
met wie ik mijn angsten kan delen.
Ik hoop dat er altijd iemand zal zijn in mijn leven,
op wie ik kan bouwen,bij wie ik kan schuilen,
die een arm om mij heen slaat
als het stormt in mijn leven
Ik hoop dat er altijd iemand zal zijn in mijn leven,
op wie ik kan steunen als de storm tegen mijn levensboot beukt,
als ik angstig ben en vrees te verdrinken.
Ik hoop dat er altijd iemand zal zijn in mijn leven,
die weet wat luisteren is,die me serieus neemt,
aan wie ik kan vertellen
wat mijn hart zwaar en donker maakt.
Ik hoop dat er altijd iemand zal zijn in mijn leven
die mij de moed geeft en die me helpt
nieuw grond onder mijn voeten te krijgen.
Ik hoop zo te weten dat God
zorg heeft om elke mens.
stilte

Lied

Zolang er mensen zijn op aarde, zolang de aarde vruchten geeft, zolang zijt Gij ons aller Vader. Wij danken U voor al wat leeft. Zolang de mensen woorden spreken, zolang wij voor elkaar bestaan, zolang zult Gij ons niet ontbreken, wij danken U in Jezus’ naam. Gij voedt de vogels in de bomen, Gij kleedt de bloemen o het veld. O Heer, Gij zijt mijn onderkomen, en al mijn dagen zijn geteld. Gij zijt ons licht, ons eeuwig leven, Gij redt de wereld van de dood. Gij hebt Uw zoon aan ons gegeven, zijn lichaam is het levend brood. Daarom moet alles U aanbidden, uw liefde heeft het voortgebracht. Vader, Gij zelf zijt in ons midden. O Heer, wij zijn van uw geslacht.

Storm samen

Soms steekt er een storm op in ons leven.
Soms raken we uit de koers.
We weten niet meer waarheen en waartoe.
We worden overmand door angst,
angst voor de toekomst en angst voor mensen.
Midden in de storm is er iemand,
die naar ons toekomt.
Hij steekt een helpende hand uit.
Zijn naam is : Redder van mensen.
Hij zegt ons : wees niet bang. Ook al zit alles tegen :
Ik ben er ook nog. Heb vertrouwen.
Het is niet gemakkelijk om Hem midden in de storm
te herkennen.
Soms zijn we door onze angst
alleen maar op ons zelf gericht.
En toch is Hij aanwezig. Hij komt in ons leven aan
boord als een houvast,
als Een die nieuwe richting wijst.
Waar wij dreigen te vergaan, grijpt Hij ons vast.
Hij brengt stilte en rust,
nieuw toekomst en leven, in Gods naam.
Stilte

Lied

De Heer heeft mij gezien en onverwacht
ben ik opnieuw geboren en getogen.
Hij heeft mijn licht ontstoken in de nacht,
gaf mij een levend hart en nieuwe ogen.
Zo komt Hij steeds met stille overmacht,
en zo neemt Hij voor lief mijn onvermogen.

Hij doet met ons, Hij gaat ons in en uit,
heeft in zijn handen onze naam geschreven.
De Heer wil ons bewonen als zijn huis,
plant als een boom in ons zijn eigen leven,
wil met ons spelen, neemt ons tot zijn bruid;
en wat wij zijn, Hij heeft het ons gegeven.

Gij geeft het uw beminden in de slaap,
Gij zaait uw naam in onze diepste dromen.
Gij hebt ons zelf ontvankelijk gemaakt,
zoals de regen neerdaalt in de bomen,
zoals de wind, wie weet waarheen hij gaat,
zo zult Gij uw beminden overkomen.

Heer onze God

Laat me een kwetsbaar mens zijn
die diep geraakt kan worden
door de pijn die anderen verwondt.
Laat me een goed mens zijn
die zachte woorden spreekt
die ‘olie en wijn” op wonden zijn.
Laat me een edelmoedig mens zijn
die helpt waar hij kan
en nooit zegt: “ik heb geen tijd”
Laat me een trouw mens zijn
die een gegeven woord nooit breekt
en geen mens ooit loslaat;
Laat me een mens zijn
die Gij van zijn wonden geneest
om zelf ‘een pleister op vele wonden te zijn’

Stilte

Lied

Dat het licht in ons mag blijven branden,
‘t laaiend vuur, het dove niet.
God draagt ieder mensenkind op handen,
looft zijn Naam met een vreugdelied.

Kinderen op aarde, geliefden van de Heer,
treedt zijn woning binnen, brengt Hem lof en eer.

Gij die klein en arm zijt, deemoedig en oprecht,
God heeft u zijn vrede eeuwig toegezegd .

Warmte voor wie kou lijdt, een huis voor iedereen,
God verdrijft het duister, laat geen mens alleen.

Morgen, middag, avond, bij nacht en dageraad,
God is licht en leven, ‘s mensen toeverlaat.

Liefde samen

Liefde is de enige norm van ons christen - zijn.
Het leven van Jezus staat bol van voorbeelden
hoe Hij daaraan telkens weer voorrang geeft.
Hij pint niemand vast op een verleden.
Hij is eerder de man van oneindig vergeven,
van ruimte bieden en toekomst schenken.
Daardoor laat Hij zien hoe God met mensen omgaat.
Als God zo voor ons is, wie zal dan tegen zijn?
Liefde is de enige norm van ons christen-zijn.
Het is een uidaging om grenzen te verleggen,
om kwaad met geheid te niet te doen
Het is een opdracht om onze zon te laten schijnen
voor goeden en kwaden, voor vrienden en vijanden.
Geen gemakkelijke opgave,
maar wel de vraag van Jezus :
iets meer te doen dan het gewone
om buitengewoon goed te worden
zo goed als God.

Stilte

Lied

Vriendelijk Licht, dat heel de dag aan de hemel hebt geblonken,
laat niet eenzaam in het donker wie uw glorie stralen zag.

Vriendelijk Licht, dat leven schenkt en het duister hebt verdreven,
geef mij warmte om te leven als de koude dood mij wenkt.

Vriendelijk Licht, blijf in mijn hart dat uw gloed niet kan ontberen,
nu de nacht gaat wederkeren en al wat er leeft verstart.

Vriendelijk Licht, dat eeuwig brandt, wil de dood in mij verteren,
Licht der zondaars, Licht des Heren, Licht van 't eeuwig vaderland.

Waar zal ik

Waar zal ik Je vinden, God,
als ik niet opensta
voor ’t komen van jouw Zoon,
als in mijn hart geen plaats is voor bevrijding
en in mijn hand geen ruimte
voor een milde mensenhand?
Waar zal ik Je vinden, God,
als ik mijn leven richt
naar zoveel schijngeluk
en als mijn ogen zijn gesloten
voor ’t komen van jouw licht?
Waar zal ik Je vinden, God,
als ik me niet laat vinden, keer op keer ,
door Jou en door jouw Zoon,
die komt vandaag en telkens weer?
Waar zal ik Je vinden , God,
als ik niet hoor je stem diep in mijn hart,
als ik niet luister
naar wat Jij mij te zeggen hebt
in ieder mens, die klein en broos
en weerloos is in deze tijd?


Slotlied

Wij gaan weer verder vol van hoop, De ongebaande wegen,
Met onze droom op hinderloop, De meeste feiten tegen

De onrust houdt ons op de been En dat doet ons verder reizen
Een stem die klinkt door alles heen Een God niet weg te prijzen

Zijn woord houdt aan in ons gemis, Dat alles kan verkeren,
Dat vrede hier bestaanbaar is En onrecht om te keren

Hij doet ons kiezen voor de mens Bedreigd, verarmd, vergeten,
Hij voert ons naar de laatste grens Om van elkaar te weten

Sjaloom geluk op deze reis Het duurt misschien nog eeuwen
Maar twijfel niet meer aan de wijs Het lam huist bij de leeuwen

Bezinning Oktober

Federale bezinning 21 oktober Konterdam

HEILIG DURVEN ZIJN Inleiding

“ We moeten niet proberen heilig te worden “, zei vroeger kardinaal Suenens.
“ We moeten proberen het te blijven. “
Hij bedoelde hiermee dat elke mens van bij de geboorte al alle mogelijkheden, alle kansen in zich draagt om heel en heilbrengend te zijn. Het valt niet altijd mee om op je levenspad deze kansen te ontdekken, te ontplooien en niet te laten bedekken door nutteloze dingen.
We kennen onze eigen zwakheden zeer goed en ergeren er ons aan. Het lijstje met de goede eigenschappen is veel korter. Maar, je onbelangrijk voordoen bewijst de wereld geen dienst. Er is niets verlichts aan jezelf klein te maken.
We zijn allemaal bedoeld om te stralen als kinderen van God. God is niet alleen maar in sommigen van ons,
God is in iedereen. Als we ons licht laten stralen,
geven we onbewust andere mensen toestemming
om hetzelfde te doen.
Allerheiligen is het feest van ons allemaal. Het is het feest van alle mensen die nog durven geloven, in zichzelf, in anderen, in onontgonnen talenten en nog te ontdekken diepten in het leven.
Durf het maar, anderen, dierbaren, deden het ons immers voor….

Lied

Hoor een heilig koor van stemmen, staande aan de glazen zee,
Halleluja, halleluja, God zij glorie, zingen zij
Menigten die geen kan tellen, Als de sterren in hun glans,
psalmen zingend, palmen dragend, in de hemel is een dans.

Nu omstraalt hen licht des hemels en de levensbron ontspringt
waar zij juichen U ter ere, waar hun koor uw glorie zingt.
vrede is hun deel voor immer, liefde is hun eeuwig recht,
alle waarheid zal het winnen en het blinkt van uw gezicht.

Moment van inkeer

Wanneer wij spreken over heiligen dan spreken wij niet over mensen die nooit iets verkeerd hebben gedaan. We spreken wel over mensen die ooit in hun leven tot het besef kwamen dat de weg naar God en de weg naar Jezus ook hun weg moest worden. Daarom keerden zij zich naar God en het Evangelie en vroegen zij God om vergeving om wat fout ging.

Ook wij vragen vergeving, Heer,
en kiezen voor wat Jezus ons vraagt,
maar we vinden het soms zo moeilijk.
Wij durven niet voor ons geloof uitkomen.
Daarom Heer, ontferm U over ons.

Draag mij, God, in barmhartigheid, til mij op uit al mijn kleinheid. Koester mij in barmhartigheid, Vader, Moeder, God met ons

Niet alleen onze inzet is soms ver te zoeken,
Heer, ook ons gebed blijft vaak achterwege.
Wij laten U zo weinig tot ons spreken.
Daarom : Christus, ontferm U over ons.

Draag mij, God, in barmhartigheid, til mij op uit al mijn kleinheid. Koester mij in barmhartigheid, Vader, Moeder, God met ons

Als we zien hoe sommige mensen zich inzetten voor de Kerk,
voor het bezoek aan zieken, voor de zorg voor arme mensen,
dan denken wij soms : “ laat hen het maar doen”.
Wij vergeten hen aan te moedigen
en steken maar zelden een handje toe.
Daarom :Heer , ontferm U over ons.

Draag mij, God, in barmhartigheid, til mij op uit al mijn kleinheid. Koester mij in barmhartigheid, Vader, Moeder, God met ons

Lezing

Ik, Johannes, zag een andere engel opstijgen van de opgang der zon met het zegel van de levende God. En hij riep met luide stem tot de vier engelen aan wie de macht gegeven was om schade toe te brengen aan de aarde en de zee:
“ Breng geen schade toe aan de aarde en de zee noch aan de bomen voordat wij de dienstknechten van onze God met het zegel op hun voorhoofd getekend hebben”.
En ik vernam het aantal getekenden : honderdvierenveertigduizend waren er uit alle stammen van de kinderen van Israel. Daarna zag ik een grote menigte , die niemand tellen kon, uit alle rassen en stammen en volken en talen. Zij stonden voor de troon en het Lam, gekleed in witten gewaden en met palmtakken in de hand. En zij riepen luid : “ Aan onze God die op de troon is gezten en aan het lam behoort de overwinning!”. En al de engelen stonden voor de troon, de oudsten en de vier dieren, en zij wierpen zich op het aangezicht voor de troon en zij aanbaden God, zeggend :” Amen. Lof en heerlijkheid en wijsheid en dank, eer macht en sterkte aan onze God in de eeuwen der eeuwen, amen!
Toen richtte zich een van de oudsten tot mij en zei : “ Wie zijn dat in die witte gewaden en waar komen zij vandaan?”. Ik antwoorde hem : “Heer dat weet gij”. Toen zij hij : “Dat zijn zij die komen uit de grote verdrukking, die hun gewaden hebben wit gewassen in het bloed van het Lam.”


Lied

Zalig zij die Jezus' naam belijden,
zalig zij die om zijn naam willen lijden,
die zuiver en blij zich gans aan zijn liefde wijden.

Zalig zij die arm zijn,
want hun zal behoren de rijkdom van de Heer.
Zalig, zalig zij die treurig zijn:
"Ik zal ze troosten met mijn vreugde" zegt de Heer.

Zalig die zachtmoedig zijn,
want hun wordt geschonken de woning van de Heer.
Zalig, zalig die rechtvaardig zijn:
"Hun recht ontvangen z'uit mijn handen" zegt de Heer.

Evangelie naar de Bergrede (vrij vertaald naar Ward Bruyninckx)
Wat een geluk wanneer je niets te verliezen hebt,
want dan hoor je bij God thuis.
Wat een geluk wanneer je niet oppervlakkig over alle ellende heen leeft,
want je zult worden getroost.
Wat een geluk wanneer je een mild mens bent,
want je zult het beloofde land bezitten.
Wat een geluk wanneer je verlangt dat alles terechtkomt,
want je zult het overvloedig zien gebeuren.
Wat een geluk wanneer je vrede sticht,
want God zal je zijn kind noemen.
Wat een geluk wanneer je lijdt om te bereiken dat alles terechtkomt,
want dan hoor je bij God thuis.

Stilte


Voorbeden

Voor heiligen in ons midden bidden wij :
mensen die glimlachen, mensen die luisteren,
mensen die troosten, mensen die een opbeurend woord spreken.
Laten wij zingen en bidden.

Ubi Caritas, et amor. Ubi caritas, Deus ibi est.

Voor heiligen in ons midden bidden wij :
mensen die in alle eenvoud barmhartig zijn,
die altijd bereid zijn tot vergeving,
mensen die anderen weer op weg helpen.
Laten wij zingen en bidden.

Ubi Caritas, et amor. Ubi caritas, Deus ibi est.
Voor heiligen in ons midden bidden wij :
mensen die zieken genezen, mensen die zieken verzorgen,
mensen die hun stem verheffen tegen het onrecht
dat anderen wordt aangedaan.
Dat zij bevestigd en bemoedigd worden in hun heilig pogen.
Laten wij zingen en bidden.

Ubi Caritas, et amor. Ubi caritas, Deus ibi est.
Bij het naderende feest van Allerheiligen
bidden wij voor onszelf :
wij, die maar al te goed weten dat we er nog lang niet zijn.
Heer, maak ons bewust van onze mogelijkheden
zodat wij elkaar ondersteunen overal waar het enigszins kan.
Laten wij zingen en bidden.

Ubi Caritas, et amor. Ubi caritas, Deus ibi est.
Bidden wij voor mensen uit onze kring die hun dierbaren verloren hebben,
dat hun lieve doden blijven voortleven in hun hart en hun levensmoed,
in hun gedachten en hun geweten.
Laten wij zingen en bidden.

Ubi Caritas, et amor. Ubi caritas, Deus ibi est.
Onze Heiligen

Je kan wenen omdat ze er niet meer zijn,
of glimlachen omdat ze geleefd hebben.
Je kan je ogen sluiten en bidden dat ze terug zouden komen,
of je ogen openen en kijken naar wat ze nagelaten hebben.

Je hart kan leeg zijn omdat je ze niet meer kan zien,
of vol van liefde die je met hen gedeeld hebt.
Je kan je rug naar morgen toekeren en gisteren leven,
of je kan gelukkig zijn voor morgen omdat er een gisteren was.

Je kan enkel herinneringen aan hen koesteren
en ze verder laten leven.
Je kan wenen en je gedachten afsluiten,
je leeg voelen of je kan doen wat zij zouden gewild hebben :
Lachen, je ogen openen, liefhebben en verder gaan.

Bidden wij dan samen met hen die ons zijn voorgegaan
en leven in het licht van Gods Aanwezigheid
het gebed dat Jezus ons geleerd heeft :

Onze Vader…..

Lied

Zolang er mensen zijn op aarde, zolang de aarde vruchten geeft, zolang zijt Gij ons aller Vader. Wij danken U voor al wat leeft. Zolang de mensen woorden spreken, zolang wij voor elkaar bestaan, zolang zult Gij ons niet ontbreken, wij danken U in Jezus’ naam. Gij voedt de vogels in de bomen, Gij kleedt de bloemen o het veld. O Heer, Gij zijt mijn onderkomen, en al mijn dagen zijn geteld. Gij zijt ons licht, ons eeuwig leven, Gij redt de wereld van de dood. Gij hebt Uw zoon aan ons gegeven, zijn lichaam is het levend brood. Daarom moet alles U aanbidden, uw liefde heeft het voortgebracht. Vader, Gij zelf zijt in ons midden. O Heer, wij zijn van uw geslacht.
Gelukkig zijn

Niet zo veel is er nodig om gelukkig te zijn, en licht in de ogen te dragen, een paar mensen nabij en een plek om te zijn, waar men brood en wat vriendschap mag vragen.
Niet zoveel is er nodig om gelukkig te zijn, en hoop in het hart te dragen, een paar woorden van troost, een paar woorden van trouw, een bloem, een pasgeboren kind, en wat warmte in koude dagen.
Niet zoveel is er nodig om gelukkig te zijn, en met God diep verbonden te leven, een bereid en gastvrij hart, een open deur,en vensters met zicht op de wereld. Een hand op het hoofd van wie lijdt en de andere hand leeggegeven.
Niet zoveel is er nodig om gelukkig te zijn, en met blijdschap naar mogen te kijken een weg te gaan, God mag weten waarheen, Hij is lief en begaan, met ons lot als geen één. Hij bewaart onze droom, als geheim in Zijn hand, en geneest alle pijn in dat andere land dat de hemel zal zijn.

Lied

Vriendelijk Licht, dat heel de dag aan de hemel hebt geblonken,
laat niet eenzaam in het donker wie uw glorie stralen zag.

Vriendelijk Licht, dat leven schenkt en het duister hebt verdreven,
geef mij warmte om te leven als de koude dood mij wenkt.

Vriendelijk Licht, blijf in mijn hart dat uw gloed niet kan ontberen,
nu de nacht gaat wederkeren en al wat er leeft verstart.

Vriendelijk Licht, dat eeuwig brandt, wil de dood in mij verteren,
Licht der zondaars, Licht des Heren, Licht van 't eeuwig vaderland.




Slotbezinning :

Je voelt een hand op je schouders, en je hoort een stem die zegt :
” Ik ga met je mee “.
Je ziet om : een mens die je toelacht, ogen die je moed geven,
en je voelt een hand die vast en warm is.
God, zeg je, fijn dat je meegaat,
want alleen ben ik te klein en te bang….
God gaat altijd in mensen met je mee…

In dit weten gaan wij dan op weg door het leven van elke dag,
onder de zegen van Hij die is : Vader, Zoon en H. Geest. Amen.

Bezinning September

Federale Bezinning 16 september 2014.

Verwelkoming

(op het altaar staan 7 kaarsjes)

Hartelijk welkom op deze eerste bezinning van dit werkjaar.
Laten we deze bezinning beginnen met het kruisteken
In de naam van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest. Amen.

Heer, onze Heer, hoe zijt Gij aanwezig
en hoe onzegbaar ons nabij,
Gij zijt gestadig met ons bezig,
onder uw vleugels rusten wij.

Gij zijt niet ver van wie U aanbidden,
niet hoog en breed van ons vandaan...
Gij zijt zo mens'lijk in ons midden,
dat Gij dit lied wel zult verstaan.

Gij zijt onzichtbaar voor onze ogen
en niemand heeft U ooit gezien.
Maar wij vermoeden en geloven
dat Gij ons draagt, dat Gij ons dient.

Heer, onze Heer, hoe zijt Gij aanwezig
waar ook ter wereld mensen zijn.
Blijf zo genadig met ons bezig,
tot wij in U volkomen zijn.

Jezus heeft ons een heel mooi gebed gegeven: het Onze Vader.
Graag zou ik op een paar punten uit dit gebed wat dieper ingaan.


Onze Vader die in de hemel zijt.

Wat kan ik anders zeggen dan Onze Vader.
Hij is toch geen wildvreemde…hoewel ik Hem eigenlijk nog nooit gezien heb.
Ik heb Hem wel ervaren. Ik weet dat Hij bestaat daarom durf ik Hem ook aan te spreken. Maar waarom Vader? Waarom niet Geachte Heer?.
Nee, daarom ken ik Hem tegoed. Ik zeg toch ook niet meneer of mevrouw tegen mijn vader en moeder.
En in de hemel. Waar zou die dan zijn?
Ik denk, nee ik ben ervan overtuigd dat dit voor iedereen iets anders is. Voor de meesten is de hemel al het goede dat bestaat en God, Hij is het goede. Hij staat als Vader boven ons, niet om ons te berispen, maar om zorg voor ons te dragen. (middelste kaars aansteken)

Bezinningstekst

De middelste vlam is het licht van Gods liefde: zo innig is Hij met ons verbonden als een vader en een moeder met hun kind. Hij is de bron waaruit wij leven. Daarom mogen wij Hem noemen
Onze Vader die in de hemel zijt!

Geheiligd zij Uw naam..

We horen zo vaak in het evangelie, lezingen of elders: als je goed doet, maak je anderen en ook God gelukkig. Je bewijst Hem eer.
Dus eigenlijk wil geheiligd zeggen dat ik naar Hem opkijk, want als ik iets goeds doe ben ik zelf ook tevreden. Ik mag aan God ook alles vragen en weet naar wie ik kan gaan. Ik kan tot Hem spreken alsof Hij een mens is, ook al krijg ik geen direct menselijk antwoord. Nu begrijp ik het. Daarom noemde Jezus, God als “Onze Vader die in de hemel zijt, geheiligd zij uw naam” (2e kaars aansteken)

Bezinningstekst.

Deze tweede vlam is het licht van Gods Heiligheid. Hij ontmaskert onze afgoden: geld en onmacht, genot en eer. Hij is de enige ware God.
Daarom durven wij Hem aanbidden: Geheiligd zij uw naam!


Lied

Heer, onze Heer, hoe zijt Gij aanwezig
en hoe onzegbaar ons nabij,
Gij zijt gestadig met ons bezig,
onder uw vleugels rusten wij.

Gij zijt in alles diep verscholen,
in al wat leeft en zich ontvouwt.
Maar in de mensen wilt Gij wonen,
met hart en ziel aan ons getrouwd.

Heer, onze Heer, hoe zijt Gij aanwezig
waar ook ter wereld mensen zijn.
Blijf zo genadig met ons bezig,
tot wij in U volkomen zijn.

Uw Rijk kome.

Het rijk van God zet ons met beide voeten op de grond.
Het moet hier gevestigd worden; hier moet onze verdeeldheid worden opgelost, verdrukking en oorlog worden afgeschaft.
Want het Rijk van God kent geen verdeeldheid of bedreiging;
het is vrede en geluk voor ieder die luistert naar de Blijde Boodschap van de Heer. (3e kaars aansteken)

Bezinningstekst.

De derde vlam is het licht van Gods rijk in Jezus zijn mens geworden droom: vrede, recht, hoop en vreugde voor alle mensen zonder onderscheid. Daarom vragen wij met aandrang : Uw Rijk kome

Uw wil geschiede op aarde als in de hemel.
“Uw rijk? Uw wil?”

Wat mag dat wel zijn? Ik weet wel dat Gij God droomt van een wereld van goedheid, gerechtigheid en vrede. Maar wik je mij, wil je ons eens laten weten hoe we dit moeten waarmaken. Daarboven in de hemel heb je toch een goed overzicht wat er hier allemaal fout loopt. We hebben toch reeds pogingen ondernomen om tot bij jou te geraken. Denk maar aan de toren van Babel, dat is toch verkeerd afgelopen. Maar, misschien moeten sommige zaken fout aflopen om zo zelf uit die ervaringen de goede weg te vinden. Het is aan ons om die weg te zoeken. (4e kaars aansteken)
Bezinningstekst

De vierde vlam is het licht van Gods wil.
Wat wil God van ons? Hoe kunnen wij handelen naar Gods wil?
God wil dat wij Hem beminnen en goed zijn voor elkaar.
Kunnen wij dat waarmaken?
Daarom bidden wij: Uw wil geschiede

Lied

De Heer heeft mij gezien en onverwacht
ben ik opnieuw geboren en getogen.
Hij heeft mijn licht ontstoken in de nacht,
gaf mij een levend hart en nieuwe ogen.
Zo komt Hij steeds met stille overmacht,
en zo neemt Hij voor lief mijn onvermogen.

Hij doet met ons, Hij gaat ons in en uit,
heeft in zijn handen onze naam geschreven.
De Heer wil ons bewonen als zijn huis,
plant als een boom in ons zijn eigen leven,
wil met ons spelen, neemt ons tot zijn bruid;
en wat wij zijn, Hij heeft het ons gegeven.

Gij geeft het uw beminden in de slaap,
Gij zaait uw naam in onze diepste dromen.
Gij hebt ons zelf ontvankelijk gemaakt,
zoals de regen neerdaalt in de bomen,
zoals de wind, wie weet waarheen hij gaat,
zo zult Gij uw beminden overkomen.

Geef ons heden ons dagelijks brood

Ons dagelijks brood… Brood, dat is iets dat we nodig hebben om te leven. Het is levensnoodzakelijk. Zo hebben we ook het geloof in God nodig.
En dagelijks… waarom dagelijks? Misschien wil het ons er toe aanzetten stil te staan en dankbaar te blijven, elke dag opnieuw, om alles wat we mogen ontvangen.
Maar dagelijks brood, zou dat ook niet negatief kunnen klinken? Ik bedoel de kracht die we halen uit alle moeilijkheden en tegenslagen, is dat ook niet een beetje ons dagelijks brood? De kracht halen uit de mooie en minder mooie momenten die we dagelijks beleven, omdat we God steeds aan onze zijde ervaren.
Je moet voor dagelijks brood zorgen,
al is dat vergeleken bij het Koninkrijk Gods van ondergeschikt belang.
We mogen slechts volledig op God vertrouwen en Hem smeken voor het benodigde brood, wanneer we inderdaad de zorg voor Gods Koninkrijk
de voorrang verlenen die Jezus eist.
Want waar de weg van de aardse “zorgen” de weg van Gods Koninkrijk doorkruist, is de laatste altijd een voorrangsweg. (5e kaars aansteken)

Bezinningstekst.

De vijfde vlam is het licht van Gods wil. Hij roept ons persoonlijk om in deze wereld een variatie te scheppen op zijn liefde. Daarom vertrouwen wij ons aan Hem toe.

En vergeef ons onze schulden
Gelijk ook wij vergeven aan onze” schuldenaren.

Of zeggen we beter “zouden moeten” vergeven aan onze schuldenaren.
Eigenlijk doen we dat niet altijd. Neem nu gewoon de dagelijkse dingen: hoe gemakkelijk nemen we niet de woorden “ik vergeef je” “zand erover” in de mond, terwijl we die vergeving niet in daden omzetten. En toch vinden we het belangrijk om vergeven te worden.
Draaien we de zinnen even om: wij vergeven aan onze schuldenaren gelijk Gij onze schulden vergeeft.
Dat zou simpeler zijn. Als ik iedereen vergeef, word ik automatisch zelf vergeven. Dat was waarschijnlijk niet jouw bedoeling. Want Jij blijft iedereen steeds vergeven. Jij bent ons voorbeeld. Vergeef ons nogmaals Vader, dat we jouw voorbeeld niet altijd volgen.(6e kaars aansteken)

Bezinningstekst

De zesde vlam is het licht van Gods vergeving. Hij vergeldt niemand kwaad met kwaad. Hij spreekt ons vrij als ook wij vergeven.
Daarom: vergeef ons onze schulden gelijk wij ook vergeven aan onze schuldenaren.


Lied

Mijn Herder zijt Gij, o mijn Heer,
aan niets ontbreekt het mij;
ik vrees nu geen gevaren meer,
Gij staat mij altijd bij.

In groene beemden voert Gij mij,
waar Gij mij rusten doet.
Aan frisse wat'ren laaft Gij mij,
verkwikkend mijn gemoed.

Langs veil'ge paden leidt Gij mij,
omwille van uw Naam.
Langs donk're krochten ga ik vrij,
gerust, want wij zijn saam.

Uw zaalge zegen rust op mij
en volgt mij overal.
In 't huis des Heren woon ik blij
waar 'k eeuwig zingen zal.

Leid ons niet in bekoring
Maar verlos ons van het kwade.

Ach, God, dat zou ik Jou misschien nog het meest willen vragen.
De wereld van vandaag omringt ons voortdurend met bekoringen en de weg die Jij ons vraagt af te legen is niet altijd de gemakkelijkste. Het is soms zo verleidelijk een zijsprongetje te” maken even van de weg af te” stappen, maar help ons God. Laat ons steeds weer de kracht ervaren die uitgaat van jouw droom, jouw vrede, jouw liefde.(7e kaars aansteken)

Bezinningstekst

De zevende vlam is het licht van Gods bevrijding. Wij zitten vast in de macht van het kwaad, voor een half woord verloochenen wij reeds zijn droom.
Daarom roepen wij:
AMEN.


Lied

Vriendelijk Licht, dat heel de dag
aan de hemel hebt geblonken,
laat niet eenzaam in het donker
wie uw glorie stralen zag.

Vriendelijk Licht, dat leven schenkt
en het duister hebt verdreven,
geef mij warmte om te leven
als de koude dood mij wenkt.

Vriendelijk Licht, blijf in mijn hart
dat uw gloed niet kan ontberen,
nu de nacht gaat wederkeren
en al wat er leeft verstart.

Vriendelijk Licht, dat eeuwig brandt,
wil de dood in mij verteren,
Licht der zondaars, Licht des Heren,
Licht van 't eeuwig vaderland.

Slotgebed

God onze Vader,
Gij geeft brood aan al wat leeft.
Wij danken U voor al de zorg waarmee Gij ons omringt.
Blijf ons met Uw Geest nabij en geef dat wij ons hart openen voor elkaar,
zoals Uw Zoon zichzelf heeft weggeschonken om alle mensen te helpen.
Wij bidden, dat Gij ons iedere dag te leven geeft
en dat Gij ons vervult met Uw Geest
om ook de kracht te hebben brood te worden voor elkaar
en met elkaar lief en leed te delen,
want zo is Jezus Christus ons voorgegaan.
Hij die met U en de Heilige Geest leeft
in de eeuwen der eeuwen. Amen.


Laten we deze bezinning nu ook besluiten met het bidden
van het Onze Vader en het zingen van het tantum ergo.

Onze Vader

Tantum ergo

Tantum ergo Sacramentum
Veneremur cernui,
Et antiquum documentum
Novo cedat ritui:
Præstet fides supplementum
Sensuum defectui.
Genitori, Genitoque
Laus et jubilatio,
Salus, honor, virtus quoque
Sit et benedictio:
Procedenti ab utroque
Compar sit laudatio.
Amen (Alleluia).

2de zondag van de Advent

Moment van inkeer


Heer, zo dikwijls beloven we
dat men op ons mag rekenen.
Voor al die keren dat het bij die belofte bleef,
vragen wij U: Heer ontferm U over ons.

Draag mij, God in barmhartigheid. Til mij op uit al mijn kleinheid.
Koester mij in barmhartigheid: Vader, Moeder, God met ons.

Christus , naar Uw naam worden we Christenen genoemd.
Naar Uw voorbeeld zouden wij moeten leven.
Dikwijls lukt dat niet zo goed,
daarom vragen wij u: Christus, ontferm u over ons

Draag mij, God in barmhartigheid. Til mij op uit al mijn kleinheid.
Koester mij in barmhartigheid: Vader, Moeder, God met ons.

Heer , omdat we vergeten dat in uw ogen
ieder mens hetzelfde recht op leven heeft
Heer ontferm U over ons.

Draag mij, God in barmhartigheid. Til mij op uit al mijn kleinheid.
Koester mij in barmhartigheid: Vader, Moeder, God met ons.

Voorbeden


Voor hen, die een beetje eenzaam
Langs de kant van de levensweg zitten,
Dat zij vriendschap en liefde krijgen,
Mensen die luisteren en een eind
Mee willen gaan bij het zoeken naar een oplossing.
Laat ons zingen en bidden

Wek uw kracht en kom ons bevrijden. (2x)

Voor de mensen die
in deze koude donkere dagen het moeilijk hebben.
Dat ze onze menselijke warmte mogen ervaren.
Geef ons de moed om naar hen toe te gaan,
Laat ons zingen en bidden

Wek uw kracht en kom ons bevrijden. (2x)

Voor de mensen die blij en optimistisch leven.
Dat ze vreugde uitstralen en anderen bemoedigen,
Laat ons zingen en bidden

Wek uw kracht en kom ons bevrijden. (2x)


Bezinning na de communie


Ze zijn er - zegt God
- 'weg-wijzers':
mensen die weg wijzen van zichzelf, zoals Johannes,
omdat ze Mij belangrijker vinden.

Misschien herken je ze niet?
En toch zijn ze er:
vrouwen en mannen,
kinderen en jongeren,
die met vreugde de naam van Christus dragen.

Grote en kleine mensen,
belangrijke en minder belangrijke, arme en rijke…
die Jezus laten geboren worden
in het diepste van hun hart.

Misschien ben je het ook zelf wel: weg-wijzer?

Probeer het maar!

Stilte